Kriek wordt bereid door kersen (krieken) toe te voegen aan de houten vaten waarin de lambiek wordt gegist. Dit bier heeft dan al 3 tot 18 maanden rijping achter de rug. Gemiddeld voegt men tweehonderd gram kersen per liter bier toe. Een kriekbier heeft dan ook een sterke kersensmaak.
Na negen maanden rijping wordt de kriek gefilterd en in flessen gebotteld. Het bier rijpt verder in de fles.
Oorspronkelijk gebruikte men kersen uit Schaarbeek, waar ze destijds veel werden geteeld. De kriekbrouwers van vandaag kopen doorgaans kersen uit Belgisch-Limburg, Duitsland of Denemarken vanwege hun reputatie en prijs.
Traditioneel is kriekenlambiek een zomerbier, dat men drinkt uit een bolglas. Zijn alcohol ligt rond de zes procent en de temperatuur moet 5 à 6 °C bedragen.













